De boodschap

Misschien heb je ook onze campagneboodschap gezien, op televisie of internet, of heb je op een andere manier kennis genomen van onze boodschap. Hieronder vindt je veelgestelde vragen over de boodschap die wij tijdens de Week van het Leven onder de aandacht brengen.

 

Helaas wel. Dat weten we omdat het Ministerie van VWS jaarlijks een rapportage uitbrengt waarin onder meer wordt meegenomen hoeveel abortussen er in een kalenderjaar hebben plaatsgevonden. De afgelopen jaren lag dat steeds rond de 30.000 met een geleidelijke daling in de categorie Nederlandse ingezetene vrouwen. Omdat het aantal abortussen onder buitenlandse vrouwen – die naar Nederland komen omdat abortus (in hun stadium van zwangerschap) niet legaal is in hun eigen land – stijgt, blijft het totale abortuscijfer ongeveer gelijk. De Abortuswet (Waz) werd in 1984 van kracht. Volgens onze berekeningen zijn er tussen 1985 en 2018 al ruim 1 miljoen ongeboren kinderen geaborteerd, waarvan veruit de meesten vanwege één of meerdere sociaaleconomische redenen.

Wil je meer informatie over de cijfers achter abortus? Bekijk dan de filmpjes hierover eens…

Het eerlijk benoemen van de ontwikkeling van het kind voorkomt dat een vrouw een abortus ondergaat op basis van onvolledige informatie. Petra van 64 vertelde in de Margriet dat zij – zelfs veertig jaar na haar abortus – nog steeds een intens schuldgevoel heeft omdat ze ‘iets wat leefde doodgemaakt heeft’. Ze probeerde na de abortus door te gaan alsof er niets was gebeurd, maar haar hart was ‘verbrijzeld’. Ook beschrijft ze dat het ‘veel, veel meer’ was dan een klompje cellen.

Mensen hebben het vaak over het ‘moeder worden’. Maar eigenlijk is de vrouw al moeder vanaf het moment dat het kind bestaat. Dat moment heet de bevruchting.

Laten we uitleggen waarom we zo precies willen zijn in onze woordkeus. Embryo en foetus zijn op zichzelf prima termen om, afhankelijk van de context, te gebruiken. Embryo zou je kunnen terugvinden in een biologieboek wanneer het gaat over dat prille stadium van menselijke ontwikkeling. Een arts zou kunnen uitspreken dat ‘de foetus er gezond uitziet.’ Maar wanneer de context verandert, kan dezelfde woordkeus neerkomen op wat we noemen: verhullend taalgebruik.

De moeder verloor haar foetus’, klinkt bijvoorbeeld al wat vreemd in de oren. Termen die naar onze leeftijd verwijzen, worden normaal gesproken namelijk gebruikt wanneer de context daarom vraagt, bijvoorbeeld hier: ‘Pubers kunnen opstandig zijn naar hun ouders.’ Maar diezelfde termen worden als vreemd ervaren wanneer de context gaat over de relatie, bijvoorbeeld hier: ‘Mijn puber ligt momenteel in het ziekenhuis.’ Het woord kind ligt bij deze context voor de hand. Tenzij je links- of rechtsom de relationele band wilt verhullen. Zo zijn ook uitspraken als ‘De foetus wordt uit de baarmoeder verwijderd’ wat ons betreft een verbloeming van de werkelijkheid: het klinkt minder erg. Termen als foetus en embryo zijn fases in de ontwikkeling van een kind, net als baby, peuter, schoolkind en puber dat zijn.

Het valt ons op dat aborteurs rond het thema ‘abortus’ vaak heel verhullend taalgebruik gebruiken. Ze hebben het dan over een vruchtje, het vruchtblaasje, klompjes cellen, zwangerschapsweefsel of simpelweg over ‘het’. Wij vragen ons af waarom er niet, zoals verloskundigen en moeders in blijde verwachting dat doen, een objectief beeld wordt gegeven over de status van het ongeboren leven. Zij hebben het vaak gewoon over ‘het kind’ of ‘de baby’.

Dit betekent overigens niet dat we met opzet schokkende woorden gebruiken. We willen de ongeboren kinderen hun menselijkheid juist niet ontnemen met ons taalgebruik. Zeker niet op de momenten dat het er het meest toe doet!

Wil je meer weten over de ontwikkeling van een kindje in de baarmoeder? Bekijk dan de filmpjes hierover op onze mediapagina.

Dat verzinnen we niet zelf. Kenniscentrum Fiom stelt dat 1 op de 10 vrouwen aangeeft dat de abortus niet haar eigen besluit was en 1 op de 5 vrouwen ervaart te worden gestuurd in haar besluit door mensen in haar omgeving. En: steeds meer vrouwen komen naar buiten met hun verhaal over de druk die ze ervaren hebben van hun partners. Lees bijvoorbeeld het verhaal van Sophie, Jaimy en Jiska eens, of kijk op onze verhalenpagina. Vaak wordt het verbreken van de relatie gebruikt als dreigmiddel om de vrouw te dwingen tot een abortus. Uit ervaring vanuit onze hulpverlening weten we dat de relatie vaak na de abortus alsnog verbroken wordt of een stevige knauw krijgt nadat de vrouw een abortus onder druk onderging.

Ook komt het voor dat dat de vrouw te weinig steun vindt bij haar partner, waardoor de keuze voor abortus sneller gemaakt wordt. Ondanks een kinderwens vinden vrouwen het vaak moeilijk om voor het kind te kiezen als de vader er niets van wil weten. Ze moet dan kiezen tussen haar relatie en haar ongeboren kind.

Er zijn ook situaties waarin de (schoon)familie een vrouw onder druk zet om abortus te plegen. Onder meer uit de Evaluatie van de Wet afbreking zwangerschap van 2005 blijkt dat een deel van de zwangere vrouwen onder druk wordt gezet door haar omgeving met betrekking tot haar beslissing over het al dan niet uitdragen van de zwangerschap. Uit de tweede Evaluatie Wet Afbreking Zwangerschap blijkt dat lang niet alle huisartsen de vrijwilligheid van het besluit tot abortus altijd bespreken (70%, p. 80).

Niet alleen ervaringsverhalen, maar ook onderzoeken tonen aan dat vrouwen soms onder druk of dwang een abortus ondergaan. Ongeveer een op de zeven vrouwen (dat zijn omgerekend zo’n 4.000 vrouwen per jaar!) ervaren druk vanuit de omgeving, zo blijkt bijvoorbeeld uit onderzoek in opdracht van het ministerie van VWS. Deze vrouwen wilden hun zwangerschap uitdragen, maar waren niet in staat om weerstand te bieden tegen de druk van de vader, de familie of andere naasten. Na een relatief lange besluitvormingsperiode kiezen deze vrouwen uiteindelijk toch voor een abortus, hoewel ze daar niet (helemaal) achter staan. Vlak voor de behandeling denken zij er soms nog over na om de abortus niet door te laten gaan.

Wij vragen ons oprecht af: wat blijft er bij abortus onder druk of dwang over van de veelgeroemde keuzevrijheid? Hoeveel keuze heb je als je onder druk of dwang een abortus ondergaat, of je niet gesteund weet door je omgeving om voor je kindje te kiezen? Waarom horen we hier zo weinig over? En wat zou er gebeuren als die partners of de familie het kind wél hadden gewild en de vrouw voluit steunen? Dan kan de vrouw voor haar kind kiezen.

En nog een relevante vraag: hoe kan het gebeuren dat er zoveel abortussen onder dwang plaatsvinden bij abortusklinieken? De wet verbiedt abortussen onder druk en dwang immers?

Gelet op het grote aantal vrouwen dat zich onder druk van anderen over gaat tot een abortus, willen wij dat iedere vrouw er tijdens het intakegesprek in de abortuskliniek expliciet op wordt gewezen dat zij het recht heeft om haar zwangerschap uit te dragen en dat niemand haar mag dwingen om een abortus te ondergaan. Ze heeft de wet aan haar kant: het proberen om haar tot een abortus dwingen is een strafbaar feit. Vrouwen kunnen hier aangifte van doen, ook nadat de abortus al heeft plaatsgevonden. Daarnaast willen we dat de vrouw erop gewezen wordt dat zij hulp kan krijgen, zowel bij het uitdragen van de zwangerschap als erna.

Dat weten we allereerst uit de vele ervaringsverhalen van vrouwen die bij ons aankloppen voor hulp. Daarnaast zijn er in de media ook andere verhalen verschenen. Zo ook het verhaal van Saskia, die daarover in een uitzending vertelt:

‘Mijn vriend zei: “Het is financieel niet haalbaar en ik zit er niet op te wachten.” Wat ik er van vond, was eigenlijk niet belangrijk. Ik was stilletjes wel blij dat ik zwanger was, want ik ben gek op kinderen. In eerste instantie had ik zoiets van: ik ga er gewoon alles aan doen om de baby te houden. Wij hebben die baby uit liefde gemaakt, dan vind ik financiën geen gegronde reden. Ik denk dat er voor de partner ook ruimte moet zijn voor gesprekken, om ook een ander beeld te laten zien, van: hè, het kan ook anders.’

Bij de ‘Evaluatie Wet afbreking zwangerschap’ is onderzocht welke reden(en) vrouwen doorgaans hebben voor hun abortusverzoek. Hieruit blijkt dat veel vrouwen niet zozeer een abortus ondergaan omdat ze het kindje niet willen, maar vanwege problemen in hun persoonlijke situatie.

De meest genoemde belangrijkste reden om te kiezen voor abortus is financiën. Ongeveer de helft van de vrouwen geeft aan dat er financiële redenen bij de abortusbeslissing meespeelden. Voor ongeveer 1 op de 8 vrouwen (omgerekend zo’n 3.500 vrouwen) was dit zelfs de belangrijkste reden. Daarnaast noemen vrouwen ook andere redenen. Welke redenen vrouwen nog meer noemen en hoe vaak, kun je zien in onderstaande tabel.

Ook uit de meest recente Evaluatie Wet Afbreking Zwangerschap blijkt dat een flink deel (29%) van de vrouwen aangeeft dat er ‘te weinig geld’ is om moeder te blijven. Maar liefst 50% geeft aan dat de zwangerschap of opvoeding niet samen gaat met haar werk of opleiding. Omdat deze meest recente enquete onder slechts 55 vrouwen werd uitgevoerd, zijn we hierboven begonnen met de percentages uit de eerste Evaluatie.

Volgens de wet mag een abortus alleen uitgevoerd worden in een onontkoombare noodsituatie. Bij een noodsituatie denken we aan iemand die in direct gevaar verkeert. Als het leven van de moeder in gevaar is, dan is er sprake van zo’n noodsituatie. Maar geldt dit voor alle redenen? Veel van de genoemde redenen zijn – al dan niet met hulp van anderen – oplosbaar. Dit onderstreept voor ons de noodzaak voor betere hulp en steun aan onbedoeld zwangere vrouwen.

In de wet en het bijbehorende besluit is inderdaad de eis opgenomen dat onbedoeld zwangere vrouwen geïnformeerd moeten worden over andere oplossingen voor hun noodsituatie dan het afbreken van de zwangerschap. In de praktijk wordt echter een ander beeld zichtbaar.

Uit de meest recente Evaluatie Wet afbreking zwangerschap blijkt dat alternatieven door het abortuscentrum nauwelijks worden besproken, terwijl de wet dit eist. Slechts 42% van de ondervraagde abortusartsen zegt alternatieven als adoptie en pleegzorg “soms” met de vrouw te bespreken (p. 89). Respectievelijk 11 en 5% zegt dit zelden of nooit te doen. Steun bij de zwangerschap – een vorm van hulp die regelmatig door vrouwen wordt aangegrepen – wordt vaker door abortusartsen besproken, maar met 53% die dit altijd zegt te doen, is dat nog lang niet voldoende. Schrikbarend laag is het percentage abortusartsen dat steun bij de opvoeding van het kind, door bijvoorbeeld familie, maatschappelijk werk of andere hulpverleners, met de vrouw bespreekt: slechts 11% zegt dit altijd te doen en 21% “meestal”.

Ook onder huisartsen blijkt het aantal dat alternatieven voor abortus bespreekt onder de maat (p. 80). Slechts 28% zegt adoptie en pleegzorg altijd te bespreken. Steun bij de zwangerschap bespreekt slechts 40% van de huisartsen altijd (8% zelden of nooit). Steun bij de opvoeding wordt door 24% altijd met de vrouw in kwestie besproken.

Over alternatieve oplossingen voor de noodsituatie van de vrouw wordt in het abortuscentrum en het ziekenhuis – ondanks de wettelijke informatieplicht van de arts in artikel 5 van de Wet afbreking zwangerschap – dus niet altijd gesproken. Volgens de richtlijn van de artsen is het op dit moment genoeg als ze aan de vrouw vragen of ze alternatieven heeft overwogen en of ze daar informatie over wenst. Maar hoe moet je weten of je informatie wilt over iets waarvan je het bestaan niet kent?

Als reden voor het niet informeren over alternatieven geven artsen aan dat de meeste vrouwen die zich aanmelden bij een abortuscentrum al besloten hebben om de zwangerschap af te breken. Daardoor is het volgens de richtlijn ‘aannemelijk’ dat alternatieven als adoptie en specifieke ondersteuning bij en na de zwangerschap, voor de meeste vrouwen op dat moment geen overweging waard zijn.

Uit onderzoek blijkt dat vrouwen vaker van keuze veranderen als ze verschillende opties met hun huisarts bespreken. Ze veranderen juist minder vaak van keuze als ze meteen verwezen worden naar een abortuscentrum. In de onderzoeksperiode bleek tevens dat slechts 41% van de twijfelende vrouwen tijdens het gesprek alternatieven voor abortus te horen kreeg.

Wij vinden het belangrijk dat vrouwen altijd geïnformeerd worden over alternatieven voor abortus, zodat zij die informatie mee kunnen nemen in hun overwegingen.

Ja, inderdaad! Bij iedere zwangerschap ontstaat nieuw leven en groeit er een uniek mensje. Abortus maakt hier een einde aan. Wij vragen hier aandacht voor, omdat wij de bescherming van ongeboren kinderen belangrijk vinden.

De bescherming van ongeboren kinderen is overigens ook in de wet vastgelegd. In de toelichting op de wet staat daarover: ‘Wij zien daarbij de afbreking van ongeboren menselijk leven als een zo ernstige en ingrijpende maatregel, dat ze alleen kan worden aanvaard, indien de nood van de vrouw haar onontkoombaar maakt. Dit uitgangspunt brengt met zich mee, dat de arts, de vrouw en zij die verder bij de voorbereiding van een beslissing omtrent zwangerschapsafbreking mochten worden betrokken, ieder voor zich, met de grootst mogelijke zorgvuldigheid zullen moeten handelen in het besef van de zware verantwoordelijkheid tegenover ongeboren menselijk leven en van de gevolgen voor de vrouw en de haren.

Dat klinkt anders dan een onvoorwaardelijk recht op abortus, waar voorvechters van abortus steeds de nadruk op leggen. Waarom horen we zo weinig over de rechten van het ongeboren kind? Tijdens de Week van het Leven willen wij de stem zijn voor ongeboren kinderen die geen stem hebben… Het taboe om daarover te praten, doorbreken we graag.

Nieuw leven begint bij de bevruchting. Op het moment dat de eicel samensmelt met de zaadcel. Vanaf dat moment is er een uniek nieuw menselijk leven met een eigen DNA-profiel. Jouw DNA is nog steeds hetzelfde als vanaf die eerste dag van je bestaan. Je lichaam is gegroeid, maar de kleur van je ogen, je geslacht en je huidskleur lagen vanaf het begin al vast. Je groeide in de buik van je moeder, maar je was geen onderdeel van je moeder. Met andere woorden: je ‘werd’ jezelf nooit, je ontwikkelde tot je huidige vorm en blijft je ook in de toekomst ontwikkelen. Heeft ieder ongeboren kind wat jou betreft recht op een toekomst als die van jou en mij?

Ook embryologen zijn het erover eens dat individueel menselijk leven begint bij de bevruchting van de eicel. Wetenschappelijk gezien is hier geen speld tussen te krijgen. Ter vergelijking: als morgen op Mars een ééncellig organisme wordt ontdekt, dan staat morgen in elke krant ‘Leven op Mars gevonden’. Na deze constatering kun je nog filosoferen over de vraag wanneer een menselijk wezen rechten dient te krijgen en beschermwaardig wordt. Wij stellen die grenzen gelijk aan het wetenschappelijk bewezen eerste moment van menselijk leven.

Ja. Binnen de medische wetenschap bestaat er geen verschil van mening over het feit dat een ongeboren mens zo’n drie weken na de bevruchting een hartslag heeft. In de volksmond spreken we dan wél over vijf weken zwangerschap, omdat artsen de zwangerschapsduur berekenen vanaf de eerste dag van de laatste menstruatie, dus wanneer een vrouw feitelijk nog niet zwanger is.

Ook daar is sluitend wetenschappelijk bewijs voor. Acht weken na de bevruchting zijn bij het kindje alle organen gevormd (Organogenese). Vanaf dan wordt het kindje om die reden een foetus genoemd. Overigens noemen we een vrouw dan tien á elf weken zwanger. Websites met informatie over de ontwikkeling van ongeboren kinderen schrijven hier openlijk over. Let wel op dat deze websites meestal de tijdsaanduiding van de ‘zwangerschap’ aangeven en niet de tijd sinds de bevruchting, waardoor je standaard twee weken terug moet rekenen.

Wil je meer weten over de ontwikkeling van een kindje? Bekijk dan de filmpjes.

Als een meisje of een vrouw erachter komt dat ze onbedoeld zwanger is geworden, is dat vaak een heftige ervaring. Even lijkt niets meer vanzelfsprekend. Begrijpelijke vragen kunnen rijzen als: hoe moet het nu verder met mijn studie? Met mijn werk? Ben ik op dit moment wel in staat om zelf een kind op te voeden? Kan ik een kind wel de toekomst bieden die het verdient? En hoe gaat het verder nu ik een instabiele relatie heb met mijn partner? Emoties als vreugde, twijfel, stress of zelfs boosheid, paniek en angst kunnen met elkaar om voorrang strijden. Daarnaast spelen stemmingswisselingen die horen bij de zwangerschap en reacties van anderen een rol bij de als onveilig ervaren situatie.

Vanuit deze of een andere door de vrouw ervaren noodsituaties kijkt zij naar haar toekomst. Als de zwangerschap niet alleen onbedoeld, maar ook ongewenst is, biedt de Wet afbreking zwangerschap (Waz) haar de mogelijkheid tot het nemen van een ingrijpende en onomkeerbare beslissing: breekt ze haar zwangerschap af of kiest ze voor het uitdragen ervan? De meeste vrouwen ervaren het nemen van dit besluit als emotioneel ingrijpend. Dit geldt ook als ze al vrij snel weten wat ze willen. Voor sommige vrouwen is deze periode zelfs een van de moeilijkste periodes in hun leven en tevens een van de moeilijkste beslissingen die ze ooit hebben moeten nemen. Wat deze beslissing zwaar kan maken, is onder meer de onomkeerbaarheid van het besluit, de beperkte tijd waarin dit besluit genomen moet worden of dat het gaat om een beslissing over leven en dood.

Bij een onverwachte zwangerschap is abortus echt niet de enige oplossing. Niet voor niets zijn artsen volgens de wet verplicht om vrouwen altijd te wijzen op alternatieven voor abortus. Dat dat niet altijd gebeurt, is jammer. Want er zijn goede alternatieven voor abortus. In onze hulpverlening ondervinden we dat vrouwen die alternatieven krijgen aangereikt vaker voor het kindje gaan. Je kunt hier concrete voorbeelden lezen.

Misschien ben je zelf wel onbedoeld zwanger en sta je voor een moeilijke afweging. Hieronder bespreken we een aantal problemen die je kunt ervaren en de hulp er in zo’n situatie mogelijk. Zit de oplossing voor jouw problemen er niet bij? Dat kan, want jij bent uniek en jouw situatie is dat ook. Neem daarom gerust contact op met Er is Hulp. Zij denken graag met je mee…

Het kindje toch geboren laten worden

Dit klinkt misschien gek om te noemen als één van de alternatieven voor abortus. Maar misschien ben je zo verrast door de zwangerschap dat je allemaal problemen ziet. Veel van die problemen kunnen opgelost worden. Enkele voorbeelden worden hieronder genoemd.

Druk of dwang

Als je onder druk vanuit je omgeving staat om een abortus te ondergaan, dan kan dat er zwaar voor je zijn. Je bent niet de enige die dat overkomt. Lees bijvoorbeeld het verhaal van Sophie, Jaimy en Jiska eens, of kijk op onze verhalenpagina. Vaak wordt het verbreken van de relatie gebruikt als dreigmiddel om de vrouw te dwingen tot een abortus. Er zijn ook vrouwen die bang zijn dat hen iets wordt aangedaan als ze besluiten het kindje te houden; of dat ouders dreigen dat je niet meer thuis kunt blijven wonen. Als dit in jouw geval zo is, dan kun je naar een speciaal opvanghuis. Of je kunt bij een zorggezin wonen, waar je in alle rust en onder begeleiding jouw kindje ter wereld kunnen laten komen zonder dat anderen dat weten.

Geld tekort

Geld (of beter gezegd, tekort aan geld) kan een reden zijn om te denken dat abortus de oplossing is. Er zijn stichtingen die speciaal voor mensen met weinig geld helpen om spullen te krijgen voor jou en je baby. Informeer bij Er is Hulp naar het Sponsorplan. Misschien is dit ook voor jou de oplossing. We kijken graag met je mee!

Leeftijd / te jong

Als je nog jong bent, je zit nog op school en je denkt nu nog niet in staat te kunnen zijn om je kindje op te voeden, dan kun je met je ouders bespreken of zij jouw kindje willen opvoeden. Mochten je ouders dit niet willen, dan zijn er misschien anderen in jouw directe omgeving die dit zouden willen. Denk bijvoorbeeld zussen/broers of ooms/tantes.

Adoptie

Adoptie van je kindje is een mogelijkheid als je onbedoeld zwanger bent geworden en je helemaal geen mogelijkheden hebt om je kindje op te voeden. Het is een keuze van jou als vrouw om voor een adoptie te gaan. Soms kun je contact blijven houden met de adoptie-ouders en je kindje maar het is ook mogelijk om te kiezen voor een zogenaamde gesloten adoptie; je hoeft dan geen contact te houden.

Pleeggezin

Je kunt je kindje ook (tijdelijk) laten opnemen in een pleeggezin. Als je hiervoor kiest houd je contact met je kindje, maar wordt het opgevoed door in een gezin te wonen. Het voordeel van een pleeggezin is dat je je kindje ergens anders laat opgroeien totdat je later wel in staat bent om zelf voor het kindje te zorgen.

Wil je meer weten over alternatieven voor abortus?

Lees dan het voorstel van SGP-Kamerlid Kees van der Staaij over het verbeteren van hulp aan onbedoeld zwangere vrouwen.

 

Wanneer een vrouw kan rekenen op meer hulp en steun, verwachten wij dat veel minder van hen hoeven over te gaan tot abortus. Kun jij zelf hulp gebruiken? Neem dan contact met ons op of zoek een andere hulpverlener die je kan helpen.