Ik heb niet voor mijn kind gekozen

Sarah is 19 als ze een abortus laat plegen. ‘De abortus was een hele pijnlijke ervaring. Lichamelijk, maar ook geestelijk. Ik nam het mezelf heel erg kwalijk dat ik niet voor mijn kind had gekozen, maar voor mijn vriend.’

‘Als tiener leerde ik dat seks thuishoort in het huwelijk’ vertelt Sarah. ‘Maar toen ik zeventien werd, ging ik twijfelen aan mijn geloof. Iedereen om mij heen was niet gelovig en ze vroegen mij regelmatig mee uit. Ik werd nieuwsgierig wat ik eigenlijk miste en besloot een kijkje te nemen in het uitgaansleven. In die periode leerde ik David kennen. Hij nam mij mee naar allerlei feesten en concerten. Ik was helemaal verliefd op hem. Hij zei regelmatig dat hij een seksuele relatie met mij wilde en dat hij dat miste in onze relatie. Ik wilde dat niet, want ik had nog wel de innerlijke overtuiging dat ik geen seks voor het huwelijk wilde.’

Een vriend van David gaat op vakantie en biedt David aan om in zijn huis te verblijven. ‘We hadden opeens heel veel tijd met z’n tweeën. De eerste avond was David heel lief voor mij. Hij kookte voor me en door de hele situatie had ik het idee dat ik het niet kon maken om hem geen seks te geven. Ik was ook bang dat ik hem kwijt zou raken als ik dat niet deed. De eerste keer was geen prettige ervaring voor me. Daarna gebeurde het vaker. We gebruikten voorbehoedsmiddelen, maar op een gegeven moment ging dat een keer mis. Ik was zwanger.’

Te jong

Sarah is acht weken zwanger als ze het ontdekt. ‘Ik wilde het kindje graag houden, maar David vond dat we er nog te jong voor waren, omdat we allebei nog op school zaten. Ik had een hele strenge gelovige moeder en durfde het niet tegen haar te vertellen. Ik dacht dat het een enorme schande voor haar zou zijn.’ Ook met vriendinnen durft Sarah niet over haar zwangerschap te praten. ‘Ik had alleen christelijke vrienden en was bang dat ze me zouden afwijzen. Mijn christelijke vriendinnen pasten niet in de wereld waar ik in leefde. Ik kon eigenlijk naar niemand toe en David dreigde me te verlaten als ik het kindje zou houden.’

Sarah kiest voor een abortus. ‘Eigenlijk maakte David die keus voor mij. Ik had een enorme innerlijke strijd en was bang dat God het me kwalijk zou nemen dat ik een abortus liet plegen. We zijn samen naar een abortuskliniek gegaan. Het was een hele pijnlijke ervaring. Lichamelijk, maar ook geestelijk. David bleef in de wachtkamer zitten terwijl ons kindje weggezogen werd. Toen het achter de rug was, zat hij een krant te lezen. Het enige wat hij tegen me zei was: “Ben je klaar? Oké, dan gaan we.” Dat heeft mij heel veel pijn gedaan. Na de abortus had ik veel bloedverlies en hoge koorts. Ook de tijd daarna had ik veel pijn en last van ontstekingen in mijn buik. Ik heb ook nooit opluchting ervaren. Ik nam het mezelf heel erg kwalijk dat ik niet voor mijn kind had gekozen, maar voor mijn vriend. Ik was boos op mezelf omdat ik me had laten ompraten. Ook miste ik mijn kindje en vroeg ik me af hoe het eruit zou hebben gezien.’

Kinderloos

Een paar jaar later trouwt Sarah met David. ‘In ons huwelijk heeft de abortus ook veel kapot gemaakt. Het lukte niet om zwanger te worden. Regelmatig vroeg ik me af: “Was dit het enige kind dat ik heb gehad en heb ik dat nu weggegooid?” We maakten elkaar veel verwijten. In onze familie werd er niet over kinderloosheid gesproken, dus ik was alleen in mijn verdriet. Het pijnlijke gevoel was altijd aanwezig. Ik verdrong het door me te storten op vrijwilligerswerk. Ook mijn man dook weg en vulde zijn vrije tijd met sporten.’

Vele jaren later krijgen David en Sarah toch een zoon. ‘Hij werd veel te vroeg geboren en heeft gevochten voor zijn leven. Ik heb mijn kind toen voor de voeten van de Heer gelegd en gezegd: “Ik ben al zo blij dat ik dit kind wel heb gezien. U bent soeverein, Uw wil geschiede. Ik wil dat hij leeft, maar wat er ook gebeurt, ik zeg: de Heere heeft gegeven, en de Heere heeft genomen; de naam des Heeren zij geloofd.” Mijn zoon heeft het uiteindelijk op wonderlijke wijze gered en is nu een gezonde tiener.’

Dyon

‘De geboorte van mijn zoon was het enige moment dat ik even wat opluchting ervoer. Het leek of het pijnlijke gevoel werd verdoofd, maar het sudderde onderhuids door. Daarna is er nog veel gebeurd en groeiden David en ik verder uit elkaar. Op een keer bezocht ik een vrouwenconferentie. Er was een moment dat vrouwen die een miskraam, doodgeboren kindje of een abortus hadden gehad werden aangemoedigd om hun verloren kind alsnog een naam te geven. Ik heb het kindje toen de naam Dyon gegeven. Door het kindje een naam te geven heb ik een groot stuk herstel ervaren. Ik had nog wel veel last van boosheid en depressieve gevoelens. Enige tijd later kwam een christelijke counselingcursus op mijn pad. Deze cursus was intensief en ik ging door heftige pijnen heen, zodat diepe wonden konden genezen. God heeft me daar doorheen geholpen. Door intensief gebed en begeleiding ben ik losgekomen van de zware last van schuld en schaamte die ik met me meedroeg. De pijn heb ik aan God kunnen geven en ik heb uiteindelijk ook mijn man kunnen vergeven. Ik kan nu ook vrij over mijn abortus praten zonder nog de pijn of schande ervan te ervaren. Ik geloof dat mijn zonden zo ver van mij zijn weggedaan als het oosten verwijderd is van het westen.’

De gegevens van Sarah zijn bij ons bekend.

Als je ongewenst zwanger bent

Sarah: ‘Ga naar je moeder, je oma of een ander betrouwbaar oudere persoon. Iemand die je niet zal veroordelen. Iedereen maakt namelijk fouten, en daarom is Jezus juist ook gekomen. Hij zegt: Ik ben niet gekomen om je te veroordelen maar om je te redden. In de periode dat ik geen kinderen kon krijgen, heb ik uiteindelijk toch aan mijn moeder verteld dat ik een abortus had ondergaan. Toen ik het haar vertelde, huilde ze heel erg en zei ze: “Waarom ben je niet naar me toegekomen”? Helaas besefte ik toen pas dat ik er met mijn moeder echt wel was uitgekomen.’

Siriz en Er is hulp zijn organisaties die je kunnen helpen als je ongewenst zwanger bent

Als je een abortus hebt ondergaan

Sarah: ‘Ik denk dat mijn beeld van God me niet echt heeft geholpen in de tijd na mijn abortus. Ik zag God vooral als een God die straft. Ik voelde ik me veroordeeld en geloofde dat ik zou branden in de hel. Door gebed, counseling en Bijbellezen ben ik meer gaan ervaren hoe Gods hart echt is; dat Hij ons genade geeft en ons liefheeft. Daarmee wil ik niet zeggen dat je alles kunt doen, maar we zijn wel mensen. Ik voelde me gedwongen om de abortus te doen maar had ook een eigen wil, een eigen aandeel daarin. God liet me op een gegeven moment zien dat ook Aaron werd gedwongen om toestemming te geven om een gouden kalf te maken. Hij werd gedwongen, maar hij liet zich ook dwingen. Dat zijn twee kanten. Je bent als mens beïnvloedbaar. Maar ook voor die zwakke momenten dat je beïnvloed wordt door het kwade en niet de goede keuzes maakt, is Jezus naar ons toegekomen op aarde en daarin zie je Zijn liefde voor ons.’

Siriz en Er is hulp zijn organisaties die je kunnen helpen als je een abortus hebt ondergaan

 

Recente berichten